De volgorde van gitaareffecten

Gebruik jij meerdere gitaareffecten tegelijkertijd? Dan heb je jezelf waarschijnlijk al eens afgevraagd wat de juiste volgorde van deze pedalen is. Het antwoord is dat er niet één juiste volgorde is die altijd het beste resultaat geeft. De volgorde van effectpedalen heeft echter wél heel veel invloed op je uiteindelijke gitaarsound. Hieronder hebben we hieronder vijf uitgebreide tips geplaatst zodat je zelf kunt experimenteren.  

Tip 1: er zijn geen regels

Experimenteren is namelijk de sleutel voor een goed resultaat. Natuurlijk zijn er bepaalde dingen waar je echt niet omheen kunt. Het is bijvoorbeeld nutteloos om een stempedaal áchter een pitch shifter te plaatsen, omdat je dan een verkeerde stemming krijgt. In deze afbeelding zie je welke configuratie het meest gangbaar is onder gitaristen. Je kunt deze volgorde als basis gebruiken voor je pedalboard. 

Pedalen volgorde

Deze pedaalvolgorde wordt als standaard gezien, maar is niet de enige weg naar Rome. De meeste gitaristen kiezen er bijvoorbeeld voor om het volumepedaal achter het overdrivepedaal te plaatsen. Zo regel je het volume van je gitaarsound zonder dat de distortion verloren gaat. Een volumepedaal vóór de overdrive heeft hetzelfde effect als de volumeknop op je gitaar: bij een lager volume treedt minder distortion op. Dat heeft echter een voordeel: de hoeveelheid distortion is zo eenvoudig traploos te regelen met je volumepedaal. Mark Knopfler gebruikt deze techniek om een expressief gitaargeluid te produceren.

Tip 2: eerst productie, dan aanpassing

Over het algemeen geldt dat pedalen die ruis produceren aan het begin van de effectketen worden geplaatst. Daaronder vallen overdrive/distortion effecten, compressors en wahpedalen. Als deze later in de signaalketen worden geplaatst, zullen ze de ruis van alle voorgaande effecten versterken en dat is erg lastig te reguleren. Een phaser dient helemaal aan het begin van de effectketen te worden geplaatst. 

Na de “producerende pedalen” komen pas de effectpedalen die het signaal aanpassen of moduleren. Logisch, want je wilt eerst een basisgeluid produceren, en daarna pas dit signaal aanpassen met allerlei effecten. Dit betekent bijvoorbeeld dat choruseffecten ná overdrive-effecten worden geplaatst.

Tip 3: combineer buffers en bypass

Een effectpedaal met een buffer heeft een kleine nadelige invloed op het signaal, ook als het pedaal uitgeschakeld is. Dit is vooral merkbaar bij het combineren van meerdere goedkope pedalen. Een true bypass pedaal heeft geen invloed op het signaal, maar heeft een output met een hoge impedantie. Dat zorgt ervoor dat je geen lange kabels of effectloops kunt gebruiken. Bij het toevoegen van meer true bypass pedalen zul je een verlies opmerken van hoge tonen en helderheid. Een goede tussenweg die veel wordt gebruikt is het toevoegen van één of twee buffered bypass pedalen, meestal aan het begin of aan het eind van de effecten, en verder true bypass pedalen te gebruiken.

Volgorde gitaareffectenTip 4: een natuurlijk patroon

Bedenk welke natuurlijke geluidseffecten je wilt creëren met je pedalboard. Distortionpedalen zijn ontwikkeld om een geluidseffect te simuleren dat in de versterker plaatsvindt. Een reverb- of delaypedaal daarentegen simuleert een effect dat optreedt onder invloed van de fysieke omgeving. Een reverbpedaal moet daarom aan het eind worden geplaatst, meestal nog na de delay. 

Tip 5: Which chain of effect pedals makes life easier

Wat “een aap die geen bananen eet” is voor de stemming van een gitaar, is bovenstaande quote voor de volgorde van effectpedalen. Het is namelijk niet alleen een goede vraag maar ook een handig ezelsbruggetje. De eerste letters van de woorden komen overeen met die van een gangbare effectvolgorde: Wah - Compression - Overdrive - Equalizer - Pitch - Modulation - Level - Echo.